“Mijn naam is Peter Berkelmans en ik ben 62 jaar. Samen met mijn vriendin woon ik in Heusden-Zolder in België, maar ik heb ook een sterke connectie met Best. Hier ben ik namelijk al jarenlang actief als kampleider bij Zomerkamp Best.
Ik ben geboren in Eindhoven. Hier ging ik naar de lagere school en de mavo. Nadat ik dit had afgemaakt, ben ik de opleiding kinderverzorging gaan doen. Uiteindelijk ben ik naar de Sociale Academie in Rotterdam gegaan. Hier volgde ik de opleiding tot sociaal cultureel werker.
Na mijn schooltijd, zocht ik een baan. In Best vroegen ze om een jeugdopbouwwerker. Dit ben ik voor drie jaar gaan doen. Daarna ben ik in de psychiatrie gaan werken. Het werken met mensen vind ik erg belangrijk. Om samen naar een doel te streven en het eindresultaat daarvan te zien, is geweldig. Echter ben ik weer vrij snel uit dit wereldje gestapt om de beveiliging in te gaan. Dit heb ik tot vijf jaar terug gedaan. Het is een hele andere richting dan de psychiatrie natuurlijk, maar als je naar het algemene plaatje kijkt ben je ook hier met veel mensen in contact.
Nu werk ik bij het CBS. Hier help ik mee aan onderzoeken die worden afgenomen onder particulieren. Dat is erg interessant.
Toen ik als opbouwwerker actief was, werkte ik mee aan verschillende activiteiten rondom de kinderen in Best. Twee activiteiten ben ik na dit werk blijven onderhouden. Zo heb ik nog een tijd meegewerkt aan het integratieprogramma van Turkse kinderen in de gemeente en ben ik sinds 1981 blijven plakken bij het zomerkamp.
Ik doe nu nog steeds jaarlijks mee aan Zomerkamp Best. Hier regel ik onder andere de communicatie met de ouders en kinderen, heb ik contact met sponsoren en reguleer ik de kampleiding. Enerzijds vind ik dit werk zo leuk, omdat we een hele hechte leidinggroep hebben. Voor ons is het kenmerkend dat dezelfde mensen al jarenlang meegaan. Je ziet ook dat kinderen die vroeger naar het kamp kwamen, nu leiders zijn. Het contact onderling is erg leuk. Anderzijds is de band met de kinderen erg fijn. Je ziet ze opgroeien. Ik vergelijk het vaak met een gezin. De ouders zien hun kinderen het hele jaar door en missen ze een week als ze naar het kamp komen. Wij, als kampgezin, moeten de kinderen 51 weken missen.
Daarnaast regel ik de sinterklaasintocht in Veldhoven. Hier heb ik vroeger ook gewoond, dus die verbinding blijf ik voelen. Ook vind ik het fijn om gezamenlijke activiteiten te ondernemen, zoals een weekendje weg of plaatsnemen op een terras.
Als ik Best vergelijk met de afgelopen decennia zie ik dat het erg gegroeid is. Daardoor is de dorpscultuur een beetje verdwenen. Dat vind ik jammer. Echter is het begrijpelijk. De wereld staat niet stil en de groei brengt ook voordelen, zoals meer status, met zich mee. Toch vind ik de sociale ontwikkeling in de gemeente belangrijk. Daarom vind ik het zo fijn om de kinderen op het kamp met elkaar te verbinden.
Als ik een plek zou moeten noemen waar ik graag kom, zou ik de Kadans in het Wilhelminadorp kiezen. Daar ben ik als jeugdopbouwwerker begonnen en zo is mijn connectie met Best ontstaan. Daar heb ik mooie herinneringen aan.”