Jos Geevers: ‘Ik verzamel al vijftig jaar boeken en houd van de kasteeltuinen in Geldrop’
“Ik ben opgegroeid in een gezin met zes kinderen en ik was de jongste. Mijn vader was een man van boeken en kunst, dus de liefde voor boeken is mij met de paplepel ingegoten. Ik ben Jos Geevers, 68 jaar oud en ik woon al 37 jaar in Geldrop. Ik heb drie kinderen uit mijn eerste huwelijk. Van de drie zoons zijn er twee muzikant en werkt er een op het vliegveld van Eindhoven. Ik heb mijn actieve loopbaan als bibliothecaris achter de rug en verzamel al sinds mijn twintigste boeken en ga daar gewoon mee door.
Het was vroeger altijd druk bij ons thuis. We waren met zes zoons en ik keek ongelofelijk tegen mijn broers op, want die konden alles al. Het trekt veel vriendjes aan, als je met veel jongens bent. We speelden op straat en ik heb een fantastische jeugd gehad. Ik ben in Eindhoven opgegroeid en heb daar tot mijn 22e gewoond. Na de middelbare school moest ik in militaire dienst en heb ik Geschiedenis gestudeerd in Utrecht. Mijn oudste drie broers hadden al Nederlands gestudeerd, dus het werd mij stevig uit mijn hoofd gepraat om dat óók te doen. ‘Verzin maar iets anders’, zei mijn vader. Hij werkte bij de gemeente Eindhoven en schreef alles wat de burgemeester toentertijd in het openbaar moest zeggen, voor hem.
Daar hadden we op de middelbare school veel plezier van. In de kast van mijn vader lagen namelijk veel boeken over allerlei onderwerpen, omdat hij zich altijd goed moest inlezen om zulke speeches te schrijven. Mijn moeder was huisvrouw tegen haar zin, ze had liever willen doorstuderen, maar moest voor het gezin zorgen toen haar ouders waren overleden. Ze las altijd hetzelfde boek: Het woud der verwachting, over een Franse ridder die op een kasteel in Engeland gevangen zat. Daar kon ze zich misschien mee identificeren.
Na mijn studie ben ik teruggekomen naar deze regio en ben ik bij de bibliotheek in Eindhoven gaan werken. Ik begon daar als vakreferent, stelde de wetenschappelijke collectie samen. Ik ben geëindigd in de directie en heb tot aan het einde van mijn carrière bij de bibliotheek gewerkt. Nu ben ik baas over mijn eigen bibliotheek. Sinds mijn 50e koop ik elke week twee boeken. Daarvoor kocht ik één boek per week.
Mijn liefde voor boeken komt ook tot uiting in het boekje dat ik samen met anderen heb gemaakt over de schrijver A F TH van der Heijden. Hij is in Geldrop opgegroeid en in een aantal van zijn boeken zijn heel duidelijk plekken te herkennen uit het dorp. Nederlandse romans spelen zich zelden bij jou op de stoep af. De Sandwich bijvoorbeeld, staat vol met plekken uit Geldrop. Ik vond dat zo interessant, dat ik een wandeling langs al die plaatsen heb uitgezet en Han Roijakkers heeft daar tekst bij gemaakt.
Via de werkgroep voor die wandeling, ontmoette ik Marianne Menting. Zij vertelt op zondagmiddag in Kasteel Geldrop verhalen aan kinderen. Als het op zwetsen aankomt, moet je bij mij zijn, dat had zij wel begrepen. Dus vroeg ze me een verhaal te schrijven dat zij kon vertellen aan de kinderen. Er volgden meer verhalen, die altijd onwaarschijnlijk en nooit gebeurd zijn, maar wel altijd gekoppeld zijn aan het kasteel van Geldrop.
Ik vind het kasteel en de tuinen namelijk zo mooi. Zeker de Baron z’n hof is prachtig. Zo midden in een dorp. Ik woon hier heel graag. Ik kan vanuit hier overal gemakkelijk naartoe. Ik voel me veilig, want er is een ziekenhuis in de buurt en ik stap zo op de trein om door Nederland te reizen. En als ik niet letterlijk op pad kan, ga ik op reis in mijn eigen boekenkast.”
